Wat schittert daar?

september 30, 2011

Lesgeven is soms net schatgraven; het ene moment heb je het idee dat je alleen maar door de modder staat te ploegen en dan schittert daar ineens een snipper goud. Veel scholen werken met een of andere vorm van leerlingen die leerlingen begeleiden. Als dat binnen de les gebeurt, worden over het algemeen leerlingen die goed zijn in een bepaald vak uitgekozen om hen uitleg te laten geven aan anderen. Dit is een uitstekende manier van werken, ware het niet dat juist de  ‘uitleggers’ hiervan leren en dat dat is wat we alle leerlingen willen laten doen!

Wat minder vaak voorkomt is dat leerlingen met lage resultaten of laag zelfvertrouwen in een bepaald vak coach worden van jongerejaars. Terwijl dit nu juist een schat aan leermogelijkheden biedt. Als leerlingen Bètacoach worden, gaan zij tijdens de les jongerejaars helpen in een exact vak. Deze lessen bereiden ze goed voor en zowel hun leerlingen als zij zelf leren er veel van.

Mij wordt nogal eens gevraagd: ‘Hoe selecteer je leerlingen om Bètacoach te worden?’ Je wilt immers wel dat ze het ook kunnen, dat ze echt in staat zijn om die jongere leerlingen te helpen. Hieronder een stappenplan, hoe u te werk moet gaan om niet alleen de beste leerlingen in te zetten om jongere leerlingen te helpen:

  1. Kies een leerling die qua resultaten of zelfvertrouwen te winnen heeft. Het kan zijn dat u ergens het gevoel heeft ‘deze leerling heeft meer in zich’. Maar het kan ook zijn dat u zich afvraagt of een bepaalde leerling ‘het wel aan kan’. Neem deze laatste leerling dan ieder geval in overweging.
  2. Overleg met een collega. Mocht u twijfelen aan een bepaalde leerling, vraagt u zich dan af in hoeverre deze twijfel gegrond is. Er kunnen redenen zijn om iemand niet te vragen, als een leerling bijvoorbeeld dringend zijn of haar tijd aan andere zaken moet besteden. Afgezien van dwingende praktische factoren, kan iedereen die wil Bètacoach worden.
  3. Vraag de leerling om Bètacoach te worden. Maak duidelijk dat dit iets bijzonders is, een exclusieve uitnodiging om jongerejaars te begeleiden in exacte vakken. Iemands specifieke ervaring – en dat kan juist zijn dat een leerling zelf ook worstelt met een bepaald vak – maakt die persoon uitermate geschikt voor deze rol.
  4. Spreek de verwachting uit dat deze leerling het kan. Mogelijk vraagt een leerling zich af of hij of zij dit wel kan. Wees daarin heel duidelijk: ‘Ik weet zeker dat jij dit kunt, anders had ik jou niet gevraagd’. Een beetje overredingskracht van u als docent is soms nodig.
  5. Stel eisen: geef duidelijk aan dat dit committent en inzet vraagt. Bètacoach zijn vraagt voorbereiding, aanwezigheid en aandacht. Het is een eer om gevraagd te worden, maar je moet er wel wat voor doen. Dat kan maar beter vanaf het begin duidelijk zijn.

Bij het zoeken naar geschikte tutoren is het dus van belang om verder te kijken dan uw eerste ideeën. Degene die u over het hoofd ziet, zou weleens zeer geschikt kunnen zijn. Daarnaast zijn uw eigen verwachtingen en eisen cruciaal voor het slagen van het tutorschap. En natuurlijk de voorbereiding en begeleiding tijdens de lessen. Daarover een andere keer meer.


Wiskunde geen kunst?

september 16, 2011

Voor sommige leerlingen is wiskunde een saai vak. Ze kunnen zich niets voorstellen bij sommen en formules. Dat vertaalt zich in vragen als ‘Waar is dit goed voor?’ of ‘Waar heb je dit voor nodig?’. Ouders zitten met de handen in het haar, zij vonden wiskunde vroeger ook al een saai vak. Contextopgaven hebben het er niet beter op gemaakt, wordt gezegd.

Het is ook niet makkelijk om een goede betekenisvolle opgave te ontwerpen en vaak zijn de gezochte contexten verouderd, gekunsteld en niet origineel. Op een aantal prachtige voorbeelden nagelaten worden de opgaven vaak ingewikkelder en zeker niet minder saai. We investeren en veel in om wiskunde aantrekkelijker te maken en om het belang ervan aan te geven.

Maar een heel belangrijk punt blijft in al deze acties vaak achterwege. Want wat is het probleem eigenlijk? Leerlingen kunnen zich bij wiskunde niets voorstellen, ze hebben er geen beeld bij. Terwijl wiskunde bij uitstek een vak is dat het voorstellingsvermogen prikkelt. Hoe kunnen we die verbeelding bij leerlingen op gang brengen?

De oplossing ligt dichterbij dan u denkt. De experts op dit gebied zitten bij u op school, in de koffiekamer komt u ze tegen, het zijn uw collega’s kunstdocenten. Beeldende vorming, drama, tekenen, CKV, film. Allemaal vakken waar verbeelding centraal staat. Ga dus als wiskunde docent met hen samenwerken. Prikkel het voorstellingsvermogen van uw leerlingen met opdrachten op het snijvlak van wiskunde en kunst. Hieronder beschrijf ik hoe:

  1. Laat leerlingen een wiskundig onderwerp uitleggen door middel van beeld, geluid, een verhaal of toneelstuk.
  2. Neem hiervoor een onderwerp dat niet nieuw voor hen is: bijvoorbeeld de stelling van Pythagoras, rekenen met haakjes, berekenen van de oppervlakte van figuren, abc-formule. Enzovoorts. Zo kunnen leerlingen boven de stof staan en aandacht besteden aan de vormgeving.
  3. Werk echt samen: de kunstdocent waarborgt het artistieke gehalte, vormgeving en uitvoering. De wiskunde docent bewaakt de wiskundige inhoud. Zet hoog in, ga door tot u allebei helemaal tevreden bent met de creaties van uw leerlingen.

Zonder voorstellingsvermogen geen wiskunde. Maak gebruik van de expertise die binnen uw school aanwezig is op dit vlak. Begeleid leerlingen samen in deze weet–kunst lessen, blijf als wiskundige scherp op concepten en laat u verrassen door de benadering van uw collega kunstdocent.

Belangrijker dan het tentoonstellingsmateriaal voor uw wiskundelokaal die dit oplevert, is het feit dat leerlingen op deze manier inzicht in het vak kunnen opdoen. Mocht u hier aan twijfelen, bedenk dat er veel wiskundigen zijn die hun nieuwe ideeën opdoen als ze even niet nadenken of formules uitwerken, maar wanneer zij tekenen, schilderen of een muziekstuk spelen. Dit is het prettige gebied van ‘niet snappen’, waar denken even ophoudt, waar je het even niet meer weet en waarmee je ruimte maakt voor nieuwe inzichten.

Een dergelijke aanpak is dan niet alleen inspirerend voor de wiskundeles, maar misschien wel het begin van een heel nieuw profiel op school: cultuur & natuur!


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.